Angststoornissen
ANGSTSTOORNISSEN, ALGEMEEN
Algemeen
- Bij de behandeling van angststoornissen wordt onderscheid gemaakt tussen:
- paniekstoornis met of zonder agorafobie
- sociale angststoornis
- specifieke fobie
- obsessieve compulsieve stoornis
- gegeneraliseerde angststoornis
- posttraumatische stressstoornis
- hypochondrie
- Angststoornissen komen veel voor in combinatie met depressieve stoornissen.
- In deze richtlijn wordt slechts ingegaan op medicamenteuze therapie: gedragstherapie neemt een belangrijke plaats in bij de behandeling.
Medicamenteuze adviezen
- Bij afbouw van medicatie onderscheid maken tussen onthoudingsverschijnselen en recidiefklachten.
- Bij onthoudingsverschijnselen medicatie langzamer afbouwen, en bij een recidief laagst werkzame dosering langer handhaven.
PANIEKSTOORNIS MET OF ZONDER AGORAFOBIE
Algemeen
- Ten behoeve van de behandeling wordt onderscheid gemaakt in paniekstoornissen met en zonder agorafobie.
- Bij paniekstoornissen zonder agorafobie en zonder comorbide ernstige depressie kan in overleg met de patiënt gekozen worden voor een psychologische of een medicamenteuze behandeling.
- Bij paniekstoornissen met matige tot ernstige agorafobie dient gestart te worden met medicamenteuze behandeling, naast gedragstherapie.
- Verwijzing naar eerstelijns psychotherapie moet vroeg in de behandeling worden overwogen.
Medicamenteuze adviezen
- Patiënten met een ernstige comorbide depressie (met of zonder agorafobie) dienen primair te starten met medicamenteuze therapie.
- Bouw langzaam op tot een effectieve dosering is bereikt.
- Minimaal 1 jaar doorbehandelen en vervolgens, zo mogelijk, in stappen van 3 maanden afbouwen.
- Voor paroxetine is geen plaats meer bij de behandeling van paniekstoornissen, vanwege interacties en de lange halfwaardetijd die aanleiding geeft tot –in en uitsluipmoeilijkheden.
- Wees bij eerste uitgifte van een SSRI bedacht op potentiële interacties met thiazide-diuretica (hyponatriëmie) en NSAID’s (risico maagbloeding).
- SSRI’s kunnen de bloedglucoseconcentratie verlagen. Adviseer bij voorschrijven aan diabetespatiënten alert te zijn op de verschijnselen van een te lage bloedglucoseconcentratie en om in het begin van de behandeling de bloedglucoseconcentratie extra te (laten) controleren.
BEHANDELSCHEMA
Stap 1:
- Start met een serotonine heropname remmer (SSRI, citalopram, escitalopram, sertraline)
- Escitalopram is aanzienlijk duurder dan citalopram of sertraline.
- Bijwerkingen van citalopram treden aanzienlijk minder vaak op bij langzaam opbouwen van de dosering.
- Combineer eventueel in het begin de SSRI met een benzodiazepine (diazepam, oxazepam) om initiële agitatie te behandelen.
- Beoordeel na 6-8 weken het effect op een adequate dosering van de SSRI.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van de SSRI ga naar stap 2.
Stap 2:
- Stap over op een ander SSRI (citalopram, escitalopram, sertraline).
- Escitalopram is aanzienlijk duurder dan citalopram of sertraline.
- Bijwerkingen van citalopram treden aanzienlijk minder vaak op bij langzaam opbouwen van de dosering.
- Overweeg continueren van het benzodiazepine (diazepam, oxazepam) om initiële agitatie te behandelen.
- Beoordeel na 6-8 weken het effect na adequate dosering van de SSRI.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van de SSRI ga naar stap 3 en verwijs naar tweede lijn.
Stap 3:
- Stap over op imipramine of clomipramine.
- Verhoog vervolgens de dosering langzaam (per week) tot de patiënt aanvalsvrij is; dit kan een hoge dosering zijn.
- Bloedspiegelcontrole is voor imipramine en clomipramine aangewezen bij veel bijwerkingen op een lage dosering, bij uitblijven van effect, bij twijfels over therapietrouw en bij vermoeden van een langzaam of snel metabolisme als gevolg van co-medicatie (interactie) en/of genetisch polymorfisme.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen ga naar stap 4.
Stap 4:
- Bij onvoldoende effect in stap 1-3 volgt geïndividualiseerde behandeling ter beoordeling van de behandelaar.
- Overweeg continueren van een benzodiazepine (lorazepam, diazepam, oxazepam).
Geneesmiddelen
| Citalopram (Divers/Cipramil) |
Tablet 10mg, 20mg, 40mg Druppels 40 mg/ml (15 ml) (1 druppel = 2 mg citalopram) |
D: 1dd 10 mg(bij druppels 8 mg), in 2 weken verhogen tot 20-30 mg per dag. Effect evalueren en verhogen tot max. 60 mg per dag. B: Ouderen max. 40 mg (bij druppels 32 mg) per dag. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus. kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
| Escitalopram (Lexapro) |
Tablet 10mg, 15mg, 20mg Druppels 20mg/ml (15ml) (1 druppel = 1 mg escitalopram) |
D: 1 dd 5mg, in twee weken verhogen tot 10mg, maximaal 20mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Sertraline (Zoloft) |
Tablet 50mg, 100mg Oplossing 20mg/ml (60ml) |
D: 1 dd 50 mg, in 2 weken verhogen 100 mg per dag, max. 200 mg per dag. B: CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap . R: Categorie I |
| Clomipramine(Divers/Anafranil) |
Dragee 25 mgTablet 10 mg, 25 mg Tablet MGA 75 mg |
D: 1 dd 25 mg, in 1 tot 2 weken verhogen tot 75-100 mg per dag. Onderhoudsdosering 25-200 mg per dag. B: Bij trage metaboliseerders van CYP450 2D6 en/of 2C19 dient clomipramine lager gedoseerd te worden. Geneesmiddelspiegels en genotyperingen kunnen worden aangevraagd bij de ziekenhuisapotheek. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. Dosering bij ouderen aanpassen tot 1/3-1/2 van de dosering voor volwassenen. Bij pati nten met een cardiale stoornis of een vermoeden hiervan is het maken van een ECG aangewezen. CI: Leverfunctiestoornis, angina pectoris, hartfalen, epilepsie, porfyrie, benigne prostaathypertrofie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie II |
| Imipramine(Divers) | Dragee 10mg, 25mgTablet 10mg, 25mg |
D: 1dd 25 mg 's avonds, in 2 weken verhogen tot 100-150 mg per dag. Max. 300 mg per dag. B: Bij trage metaboliseerders van CYP2D6 kan het nodig zijn om imipramine lager te doseren. Geneesmiddelspiegels en genotypering kan worden aangevraagd bij de ziekenhuisapotheek. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. Dosering bij ouderen aanpassen tot 1/3-1/2 van de dosering voorvolwassenen. Bij pati nten met een cardiale stoornis of een vermoeden hiervan is het maken van een ECGaangewezen. CI: Leverfunctiestoornis, angina pectoris, hartfalen, epilepsie, porfyrie, benigne prostaathypertrofie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie II |
|
Diazepam (Divers) |
Tablet 2mg, 5mg, 10mg |
D: 5-10 mg per dag, zo nodig verhogen tot 40-50 mg per dag. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, leverfunctiestoornis, porfyrie, borstvoeding, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
|
Lorazepam (Divers) |
Tablet 1mg, 2.5mg |
D: 1 mg per dag, zo nodig verhogen tot 2-4 mg per dag. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
|
Oxazepam (Divers) |
Tablet 10mg, 50mg |
D: 3-4 dd 10 mg, zo nodig 3-4 dd 20 mg B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, porfyrie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
SOCIALE ANGSTSTOORNIS
Algemeen
Voor de behandeling dient er onderscheid gemaakt te worden tussen een gegeneraliseerde sociale angststoornis en een specifieke sociale angststoornis.
Niet-medicamenteuze adviezen
- Bij de gegeneraliseerde sociale angststoornis bestaat de behandeling uit gedragstherapie, welke ondersteund kan worden met medicamenteuze therapie.
- Bij een specifieke sociale angststoornis kan afhankelijk van de ernst gekozen worden uit gedragstherapie en/of medicamenteuze therapie.
Medicamenteuze adviezen
- Minimaal 1 jaar doorbehandelen en vervolgens, zo mogelijk, in stappen van 3 maanden afbouwen.
- Voor paroxetine is geen plaats meer bij de behandeling van angststoornissen, vanwege interacties en de lange halfwaardetijd die aanleiding geeft tot –in en uitsluipmoeilijkheden.
- Wees bij eerste uitgifte van een SSRI bedacht op potentiële interacties met thiazide-diuretica (hyponatriëmie) en NSAID’s (risico maagbloeding).
- SSRI’s kunnen de bloedglucoseconcentratie verlagen. Adviseer bij voorschrijven aan diabetespatiënten alert te zijn op de verschijnselen van een te lage bloedglucoseconcentratie en om in het begin van de behandeling de bloedglucoseconcentratie extra te (laten) controleren.
BEHANDELSCHEMA
Stap 1:
- Start met een serotonine heropname remmer (SSRI, citalopram, escitalopram, sertraline)
- Escitalopram is aanzienlijk duurder dan citalopram of sertraline.
- Bijwerkingen van citalopram treden aanzienlijk minder vaak op bij langzaam opbouwen van de dosering.
- Combineer eventueel in het begin de SSRI met een benzodiazepine (diazepam, oxazepam) om initiële agitatie te behandelen.
- Beoordeel na 6-8 weken het effect op een adequate dosering van de SSRI.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van de SSRI ga naar stap 2.
Stap 2:
- Stap over op een ander SSRI (citalopram, escitalopram, sertraline).
- Escitalopram is aanzienlijk duurder dan citalopram of sertraline.
- Bijwerkingen van citalopram treden aanzienlijk minder vaak op bij langzaam opbouwen van de dosering.
- Overweeg continueren van het benzodiazepine (diazepam, oxazepam) om initiële agitatie te behandelen.
- Beoordeel na 6-8 weken het effect op adequate dosering van de SSRI.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van de SSRI verwijs naar tweede lijn.
Geneesmiddelen
| Citalopram (Divers/Cipramil) |
Tablet 10mg, 20mg, 40mg Druppels 40 mg/ml (15 ml) (1 druppel = 2 mg citalopram) |
D: 1dd 10 mg(bij druppels 8 mg), in 2 weken verhogen tot 20-30 mg per dag. Effect evalueren en verhogen tot max. 60 mg per dag. B: Ouderen max. 40 mg (bij druppels 32 mg) per dag. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus. kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
| Escitalopram (Lexapro) |
Tablet 10mg, 15mg, 20mg Druppels 20mg/ml (15ml) (1 druppel = 1 mg escitalopram) |
D: 1 dd 5mg, in twee weken verhogen tot 10mg, maximaal 20mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Sertraline (Zoloft) |
Tablet 50mg, 100mg Oplossing 20mg/ml (60ml) |
D: 1 dd 25 mg, na 1 week verhogen tot 50 mg. Bij onvoldoende respons max. 200 mg per dag. B: - CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap . R: Categorie I |
|
Diazepam (Divers) |
Tablet 2mg, 5mg, 10mg |
D: 3 dd 2 mg, zo nodig verhogen tot 40mg per dag. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, leverfunctiestoornis, porfyrie, borstvoeding, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
|
Lorazepam (Divers) |
Tablet 1mg, 2.5mg |
D: 2-3 dd 0,5mg, zo nodig verhogen tot 2-3 dd 1,5mg. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
|
Oxazepam (Divers) |
Tablet 10mg, 50mg |
D: 3-4 dd 10 mg, zo nodig 3-4 dd 20 mg B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, porfyrie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
SPECIFIEKE FOBIE
Niet-medicamenteuze adviezen
Behandeling van specifieke fobie bestaat uit gedragstherapie.
Bij incidenteel voorkomen van de uitlokkende gebeurtenis of situatie (examenvrees, podiumangst) wordt medicamenteuze behandeling aanbevolen.
Medicamenteuze adviezen
- Indien vermindering van het reactievermogen ongewenst is, (bijvoorbeeld bij een examen) is incidentele toediening van een bètablokker (propranolol) aangewezen.
- Indien psychologische interventies onvoldoende effectief zijn, kan een SSRI (citalopram, escitalopram, sertraline) worden overwogen.
- Bij angstaanjagende situaties gedurende een bepaalde periode (b.v. vliegangst) kan een benzodiazepine (lorazepam, diazepam, oxazepam) in een lage dosering voorgeschreven worden.
Geneesmiddelen
|
Propranolol (Divers) |
Tablet 10mg, 40mg |
D: 10-40 mg, een uur voor optreden, examen, e.d. Om uit te proberen een dag tevoren 10 tot 40mg innemen. B: - CI: Myasthenie, hartfalen, diabetes, astma, chronische obstructieve longziekten, verminderde nierfunctie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: - |
| Citalopram (Divers/Cipramil) |
Tablet 10mg, 20mg, 40mg Druppels 40 mg/ml (15 ml) (1 druppel = 2 mg citalopram) |
D: 1dd 10 mg(bij druppels 8 mg), in 2 weken verhogen tot 20-30 mg per dag. Effect evalueren en verhogen tot max. 60 mg per dag. B: Ouderen max. 40 mg (bij druppels 32 mg) per dag. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. CI: Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus. kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
| Escitalopram(Lexapro) |
Tablet 10mg, 15mg, 20mg Druppels 20mg/ml (15ml) (1 druppel = 1 mg escitalopram) |
D: 1 dd 5mg, in twee weken verhogen tot 10mg, maximaal 20mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI: Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Sertraline (Zoloft) |
Tablet 50mg, 100mg Oplossing 20mg/ml (60ml) |
D: 1 dd 25 mg, na 1 week verhogen tot 50 mg. Bij onvoldoende respons max. 200 mg per dag. B: - CI: Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Diazepam (Divers) |
Tablet 2mg, 5mg, 10mg |
D: 5-10 mg per dag, zo nodig verhogen tot 40-50 mg per dag. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, leverfunctiestoornis, porfyrie, borstvoeding, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
|
Lorazepam (Divers) |
Tablet 1mg, 2.5mg |
D: 1 mg per dag, zo nodig verhogen tot 2-4 mg per dag. B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
| Oxazepam | Tablet 10mg, 50mg |
D: 3-4 dd 10 mg, zo nodig 3-4 dd 20 mg B: - CI: Myasthenie, degeneratieve spierziekten, slaapapneu, porfyrie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie III |
OBSESSIEVE COMPULSIEVE STOORNIS
Algemeen
Een obsessieve compulsieve stoornis (OCS) wordt bij voorkeur behandeld in de tweede lijn.
Medicamenteuze adviezen
- Start bij OCS zonder ernstige comorbide depressie met gedragstherapie. Voeg bij onvoldoende effect medicamenteuze behandeling toe als ondersteuning van de behandeling.
- Start bij OCS met ernstige comorbide depressie met medicatie. Gedragstherapie kan pas gestart worden wanneer voldoende resultaat op de depressieve symptomen bereikt is met de medicamenteuze therapie.
- Behandel langdurig (tenminste 1 á 2 jaar). Overweeg daarna afbouwen van de medicatie. Bouw af in stappen van 2 maanden.
- Voor paroxetine is geen plaats meer bij de behandeling van OCS, vanwege interacties en wegens –in en uitsluipmoeilijkheden.
BEHANDELSCHEMA
Stap 1:
- Start met een serotonine heropname remmer (citalopram, escitalopram, sertraline)
- In 4-6 weken ophogen tot maximale (hoge) dosering. Beoordeel na tenminste 8 weken op de maximale dosering het resultaat.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van de SSRI ga naar stap 2.
Stap 2:
- Stap over op clomipramine.
- Verhoog de dosering langzaam (per week) totdat bloedspiegels zijn bereikt in het hoog-normale gebied. Hiervoor kan een hoge dosering nodig zijn.
- Beoordeel na 8-12 weken het effect op een adequate dosering clomipramine.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen ga naar stap 3.
Stap 3:
- Bij onvoldoende of geen effect kan een atypisch antipsychoticum (quetiapine) worden toegevoegd aan clomipramine.
- Doseer quetiapine middels een insluipschema. Een hoge dosis kan nodig zijn. Hoge doseringen worden over het algemeen goed verdragen.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen van quetiapine is doorverwijzing noodzakelijk.
Geneesmiddelen
| Citalopram (Divers/Cipramil) |
Tablet 10mg, 20mg, 40mg Druppels 40 mg/ml (15 ml) (1 druppel = 2 mg citalopram) |
D: 1dd 10 mg(bij druppels 8 mg), in 2 weken verhogen tot 20-30 mg per dag. Effect evalueren en verhogen tot max. 60 mg per dag. B: Ouderen max. 40 mg (bij druppels 32 mg) per dag. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus. kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
| Escitalopram (Lexapro) |
Tablet 10mg, 15mg, 20mg Druppels 20mg/ml (15ml) (1 druppel = 1 mg escitalopram) |
D: 1 dd 5mg, in twee weken verhogen tot 10mg, maximaal 20mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Sertraline (Zoloft) |
Tablet 50mg, 100mg Oplossing 20mg/ml (60ml) |
D: 1 dd 50 mg, in 2 weken verhogen 100 mg per dag, max. 200 mg per dag. B: - CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Clomipramine (Anafranil) |
Dragee 25 mg Tablet 10 mg, 25 mg Tablet MGA 75 mg |
D: 1 dd 25 mg, in 1 tot 2 weken verhogen tot 75-100 mg per dag. Onderhoudsdosering 25-200 mg per dag. B: Bij trage metaboliseerders van CYP450 2D6 en/of 2C19 dient clomipramine lager gedoseerd te worden. Geneesmiddelspiegels en genotyperingen kunnen worden aangevraagd bij de ziekenhuisapotheek. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. Dosering bij ouderen aanpassen tot 1/3-1/2 van de dosering voor volwassenen. Bij pati nten met een cardiale stoornis of een vermoeden hiervan is het maken van een ECG aangewezen. CI: Leverfunctiestoornis, angina pectoris, hartfalen, epilepsie, porfyrie, benigne prostaathypertrofie, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie II |
|
Quetiapine (Seroquel) |
Tablet 25mg, 100mg, 200mg, 300mg. Tablet MGA (XR) 50mg, 200mg, 300mg, 400mg |
D: Start met 50mg per dag. Na 3 dagen ophogen naar 100mg per dag. Daarna op geleide van klinisch beeld verhogen. B: De spiegel van quetiapine kan stijgen door CYP3A4 remmers, zoals claritromycine, erythromycine, itraconazol, ketoconazol en voriconazol. CI: Parkinson, Veneuze trombose, epilepsie, diabetes mellitus, hartfalen, benigne prostaathypertrofie, verlengd QT-interval, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
GEGENERALISEERDE ANGSTSTOORNIS
Niet-medicamenteuze adviezen
- Behandeling van deze angststoornis bestaat uit psychotherapie.
Medicamenteuze adviezen
- Bij een gegeneraliseerde angststoornis met ernstige comorbide depressie dient naast psychotherapie ook gestart te worden met farmacotherapie.
- Behandel minimaal een jaar.
- Voor paroxetine is geen plaats meer bij de behandeling van angststoornissen, vanwege interacties en wegens –in en uitsluipmoeilijkheden.
BEHANDELSCHEMA
Stap 1:
- Start met een serotonine heropname remmer (citalopram, escitalopram) of met venlafaxine.
- Escitalopram is aanzienlijk duurder dan citalopram.
- Er zijn geen vergelijkende studies van venlafaxine versus een SSRI beschikbaar. Venlafaxine is effectief en veilig. Voor venlafaxine wordt een startdosering van 75 mg aanbevolen. Er is een tendens dat hogere doseringen effectiever zijn en sneller effect sorteren dan de lage dosis van 37,5 mg.
Stap 2:
- Stap over op duloxetine of venlafaxine (indien nog niet toegepast in stap 1).
- Duloxetine is aanzienlijk duurder van venlafaxine.
- Beoordeel na 8-12 weken het effect op een adequate dosering duloxetine.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen ga naar stap 3.
Stap 3:
- Stap over op pregabaline.
- Beoordeel na 8-12 weken het effect op een adequate dosering pregabaline.
- Bij onvoldoende effect of niet verdragen, verwijs naar tweede lijn.
Geneesmiddelen
| Citalopram (Divers/Cipramil) |
Tablet 10mg, 20mg, 40mg Druppels 40 mg/ml (15 ml) (1 druppel = 2 mg citalopram) |
D: 1dd 10 mg (bij druppels 8 mg), in 2 weken verhogen tot 20-30 mg per dag. Effect evalueren en verhogen tot max. 60 mg per dag. B: Ouderen max. 40 mg (bij druppels 32 mg) per dag. Bij staken de dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus. kinderwens (vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
| Escitalopram (Lexapro) |
Tablet 10mg, 15mg, 20mg Druppels 20mg/ml (15ml) (1 druppel = 1 mg escitalopram) |
D: 1 dd 5mg, in twee weken verhogen tot 10mg, maximaal 20mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, diabetes mellitus, kinderwens (vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Venlafaxine (Divers/ Efexor) |
Tablet 75mg, 150mg |
D: Start met 1 dd 75mg. Verhoog zo nodig (na tenminste 4 dagen) de dosis tot maximaal 1 dd 225mg. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. Venlafaxine is een serotonine-noradrenaline heropname remmer (SNRI). Venlafaxine wordt gemetaboliseerd via CYP2D6. Bij trage metaboliseerders van CYP2D6 kan het nodig zijn om venlafaxine lager te doseren. Geneesmiddelspiegels en genotypering kan worden aangevraagd bij de ziekenhuisapotheek. CI (relatief): Epilepsie, ulcus pepticum, verlengd QT-interval, kinderwens(vrouw), zwangerschap. R: Categorie I |
|
Duloxetine (Cymbalta) |
Tablet 30mg, 60mg |
D: Start met 1dd 30 mg. Verhoog indien nodig tot de gebruikelijke onderhoudsdosering van 1 dd 60mg; max. 120 mg/dag. B: Duloxetine is een serotonine-noradrenaline heropname remmer (SNRI). CI: Gestoorde leverfunctie, gestoorde nierfunctie (<30ml/min), ongecontroleerde hypertensie, kinderwens (vrouw), zwangerschap. R: ? |
|
Pregabaline (Lyrica) |
Capsule 75mg, 150mg, 300mg |
D: Start met 1dd 150 mg. Verhoog indien nodig na 1 week tot 300 mg per dag, na een volgende week tot 450 mg per dag en na nog een week tot max. 600 mg per dag. B: Bij staken dosering geleidelijk verminderen. CI: Ernstig hartfalen, ernstig nierfalen, kinderwens (vrouw), zwangerchap R: ? |
POSTTRAUMATISCHE STRESSSTOORNIS
Niet-medicamenteuze adviezen
- In de acute fase moet hulp primair gericht zijn op psychosociale opvang. Pas later kan gestart worden met psychotherapie.
- In de acute fase van een trauma is debriefing en een 1-sessiemethode ongewenst
Medicamenteuze adviezen
- Er zijn geen geneesmiddelen geregistreerd voor behandeling van deze indicatie.
- SSRI’s zijn veilig en effectief bij PTSS, gemiddeld heeft 40-60% van de patiënten baat bij de behandeling.
- De TCA’s amitriptyline en imipramine zijn effectief, maar worden minder goed getolereerd en zijn minder veilig dan de eerste keus de SSRI’s.
- Er is geen plaats voor monotherapie met benzodiazepine. De benzodiazepinen zijn in onderzoek niet duidelijk effectief gebleken bij PTSS. In sommige studies is mogelijk zelfs sprake van een verslechtering van de patiënten.
HYPOCHONDRIE
Medicamenteuze adviezen
Op basis van onderzoek en ervaring bij andere angststoornissen komen SSRI’s en TCA’s imipramine en clomipramine in aanmerking in de dosering zoals gebruikt bij de paniekstoornis.